Attentie
  • EU e-Privacy Directive

    This website uses cookies to manage authentication, navigation, and other functions. By using our website, you agree that we can place these types of cookies on your device.

    View e-Privacy Directive Documents

    You have declined cookies. This decision can be reversed.

  


"Vooruitzichten van het EU spoorwegbeleid - een kritisch
onderzoek vanuit het perspectief van verschillende
spoorwegsystemen in Europa "

De Internationale conferentie "Vooruitzichten van het EU spoorwegbeleid - een kritisch
onderzoek vanuit het perspectief van verschillende spoorwegsystemen in Europa " vond
plaats in Berlijn van 19 tot 20 september 2012. Deze conferentie werd georganiseerd
door de Duitse vakbond ‘Eisenbahn- und Verkehrsgewerkschaft (EVG)’ en de Europese
Academie voor Milieuvriendelijk Vervoer (EVA). 200 deelnemers uit 20 landen namen
aan deze conferentie deel. Tijdens deze tweedaagse conferentie werd een studie gemaakt
over de doelstellingen en gevolgen van het Europese spoorwegbeleid en een analyse van de
verschillende spoorwegsystemen in Europa. Op basis van een vergelijkende studie werd de
efficiëntie van de structuren van de geselecteerde spoorwegondernemingen besproken op
rekening houdend met relevante indicatoren zoals ontwikkelingen in transportsystemen,
kwaliteit van het product, de productiviteit en de werkgelegenheid.

Vierde spoorwegpakket: scheiding van infrastructuur en exploitatie is geen dogma voor
de EU-Commissie

"We zijn dogmatisch niet gedefinieerd om een ​ ​ scheiding", aldus Keir Fitch, adjunct-
kabinetschef van EU-commissaris voor vervoer Siim Kallas. "Als we andere methoden
gebruiken om hetzelfde doel te bereiken, is dat nog beter", aldus Fitch verwijzende naar
de situatie bij Deutsche Bahn dat zich kant tegen een scheiding van infrastructuur en
exploitatie. "Scheiding is geen doel op zich, we zijn bezig met economische prestaties,
en dus, om eerlijke concurrentie te bieden". De capaciteit van de infrastructuur heeft zijn
limieten bereikt door het ontbreken van fondsen en politieke onwil. Nochtans heeft het spoor
een belangrijke rol te spelen in het naar omlaag halen van de vervuiling van het klimaat
Het was voor de Europese Commissie een noodzaak om te komen tot een beter beheer
van de infrastructuur. Dit moet een vlotte doorstroming van het treinverkeer toe laten
door onder andere een niet-discriminerende toegang tot de infrastructuur te waarborgen
voor de verschillende treinoperatoren. EU-commissaris Kallas is van plan om in de nabije
toekomst de hoekpunten van het 4de spoorwegpakket bekend te maken. Kallas had eerder
al aangekondigd dat hij in dit pakket zou opteren voor een hardere aanpak, dat is dus de
institutionele scheiding van infrastructuur en exploitatie. Fitch verklaarde verder dat het 4 de
spoorwegpakket een aantal regels rond sociale normen zal omvatten. Commissaris Kallas
heeft niet de intentie om de sociale normen “te verdunnen”, aldus Fitch. In plaats daarvan
moet er een harmonisatie van de regels komen op Europees niveau. De concurrentie moet
eerlijk verlopen. Dit is een belangrijk aspect van het 4de spoorwegpakket besloot Fitch zijn
uiteenzetting. We moeten een kader creëren opdat concurrentie innoverend kan werken.

Rainer Bomba, sinds november 2009 Duits staatssecretaris bij het Ministerie van Verkeer,
Bouw en Stadsontwikkeling ging akkoord met Fitch dat door Europa een juridisch
kader moet worden ontworpen. Dit mag echter niet leiden tot het opdringen van en of
experimenteren met een bepaald spoorwegmodel. Europa moet een kader ontwerpen om
verschillende systemen te behouden Het Duitse spoorwegmodel, aldus Bomba, is succesvol.
Rainer Bomba benadrukt dat, indien men meer goederen wil transfereren naar het spoor,
er nood is aan transparante infrastructuur.. Duitsland kiest voluit voor een Europese
spoorwegruimte en de liberalisering van het reizigersvervoer. Een geïntegreerde structuur, is
volgens Bomba niet in oppositie met de liberalisering en de concurrentie. DB-Holding heeft
zijn waarde trouwens bewezen. En een geïntegreerde structuur is beter om de cyclus van
investeringen te beheren.

Dr. Rüdiger Grube van Deutsche Bahn AG beklemtoont dat een geïntegreerde structuur de
liberalisering en de concurrentie niet in de weg staat. Het 4de spoorwegpakket eind 2012 komt
volgens Grube veel te vroeg. Liberalisering en concurrentie vragen een goede harmonisatie
van onder andere de technische normen. Daar is de nodige tijd voor nodig. Ook moet er een
goede regelgeving komen die de concurrentie eerlijk laat verlopen.

Guillaume Pepy van SNCF –Groupe begint zijn uiteenzetting met het statement dat Europa
de goede dimensie heeft voor het spoor. Het spoor is gemaakt voor Europa, aldus Pepy.
En ja, Frankrijk is gewonnen voor een sterke regulator, een Europese spoorwegruimte en
concurrentie. Pepy benadrukt wel dat de liberalisering van het goederenverkeer in Frankrijk
een mislukking is. Er is nauwelijks een transfer van de weg naar het spoor ondanks de
komst van operatoren die goedkoper zijn dan SNCF FRET. Frankrijk kent sinds 15 jaar
een scheiding van infrastructuur en exploitant. De ervaring leert echter dat een scheiding
niet noodzakelijk is voor een gelijke en niet-discriminerende toegang tot de infrastructuur.
De impact van de scheiding is negatief op de organisatie van het verkeer en de beheersing
van de kosten. De vraag naar scheiding is contestabel, volgens Pepy,. Er bestaat geen
voorbeeldstructuur voor alle lidstaten. De objectieven van de EU moeten los staan van de
subsidiariteit van de middelen van de lidstaten. Vier spoorwegpakketten in 15 jaar is te veel
van het goede. Men moet meer oog hebben voor de ontwikkeling van duurzaam transport dan
voor regelgeving.

Dr. Libor Lochman, gedelegeerd bestuurder van CER (de Europese koepelorganisatie van
spoorwegondernemingen), verwijst naar de in juli 2012 gepubliceerde studie” Study on
Railway Unbundling
” die door zijn organisatie aan Inno-V werd gevraagd. Inno-V is een
Nederlands adviesbureau voor mobiliteit, bereikbaarheid en openbaar vervoer. De studie
toont duidelijk aan een scheiding niet noodzakelijk is en CER dus ook geen vragende partij is
om dit in een 4de spoorwegpakket op te dringen.

Vertegenwoordigers van de Europese politieke fracties – Europese Volkspartij, Progressieve
Alliantie Sociaal Democraten, Groep van Groenen/Europese Vrije Alliantie, Confederatie
van Europees Verenigd Links – kwamen de standpunten van hun patijen weergeven. Daaruit
blijkt dat een meerderheid geen vragende partij is voor een scheiding. “Liberalisering is niet
mogelijk zonder harmonisering van de regels, zowel de technische als de sociale normen. Het
holdingmodel biedt de beste garanties” aldus één van de vertegenwoordigers.

SCI Studie: scheiding van infrastructuur en exploitatie is niet nodig

SCI Verkehr GmbH is een Duits onafhankelijk adviesbureau voor de transportsector met
activiteiten over de hele wereld. SCI is gespecialiseerd in het geven van strategisch advies
aan de spoorweg en logistieke sector. Volgens Lars Neumann van SCI is een scheiding
van infrastructuur en exploitatie niet nodig voor de ontwikkeling van de spoorwegmarkt.
Dat is de conclusie van een recente studie door zijn adviesbureau. “We hebben weinig tot
geen effect op de ontwikkeling van de spoorwegmarkt gezien komende van verschillende
spoorwegmodellen” aldus Lars Neumann tijdens de presentatie van de studie.
Deskundigen hebben de spoorwegmarkten van zes Europese landen bestudeerd en
vergeleken. De lidstaten waarover het gaat zijn Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk, Zwitserland,
Tsjechië en het Verenigd koninkrijk. Volgens de studie zijn de belangrijkste doelstellingen
- meer verkeer naar het spoor, het verlichten van de budgetten van de overheid - van
de spoorweghervorming bereikt. Deze resultaten zijn bereikt met lidstaten die er een
verschillend spoorwegsysteem op na houden. De bewering dat alleen de scheiding van
infrastructuur en exploitatie tot een dergelijk succes kunnen leiden gaat dus niet op. In
ieder geval blijkt dat niet uit de gegevens die werden verzameld. Het is dus niet nodig
om in een 4de spoorwegpakket aan te dringen op een scheiding tussen infrastructuur en
exploitatie. Belangrijker zijn, zegt Lars Neumann, de beleidsbeslissingen die worden
genomen. Ten eerste, de fundamentele keuze: waar wil ik naar toe met de spoorweg? Ten
tweede, het begrotingsbeleid: hoeveel geld wil ik investeren in de trein? En ten derde: hoe de
concurrentie regelen?

Alexander Kirchner, voorzitter van de organiserende vakbond EVG, sloot de conferentie af.
De focus van de discussies was de vraag over de scheiding van infrastructuur en
exploitatie. "De ervaring die we hebben gehoord van de Tsjechische Republiek, Frankrijk
en Groot-Brittannië hebben aangetoond dat die scheiding niet noodzakelijk tot betere
resultaten leidt”. Geïntegreerde modellen zijn succesvoller, aldus Kirchner. De operationele
problemen en de hoge kosten van de scheiding in Frankrijk en Groot-Brittannië bewijzen
onze stelling. De kosten van een scheiding kunnen moeilijk geschat worden. En wanneer men
een economische houding aanneemt heeft dat zijn weerslag op de arbeidsverhoudingen. Dit
leidt tot het afdanken van spoorwegwerknemers om economisch voordeel te halen.
De vooruitzichten voor het spoor zijn nochtans nog nooit zo goed geweest. De spoorwegen
zijn een belangrijke factor in het milieubeleid. Het spoor heeft de juiste antwoorden op de
milieu-uitdagingen.

Maar, zegt Kirchner, een spoorweghervorming moet rekening houden met de belangen van
de spoorwegwerknemers: “we zullen niet toestaan dat de spoorweghervorming gericht is
tegen de werknemers, anders moet men met onze weerstand rekening houden”.
Kirchner hoopt dat deze conferentie zal bijdragen tot een nieuwe impuls voor een
grondoriënterend debat over de scheiding van infrastructuur en exploitatie en de toekomst
van het Europese spoor.

Rudy Verleysen,
Nationaal secretaris

DMC Firewall is developed by Dean Marshall Consultancy Ltd