Contactformulier Leden

BEVORDERING VAN DE VEILIGHEID EN VAN HET VEILIGHEIDSGEVOEL TEGENOVER HET GEWELD VAN DERDEN IN DE EUROPESE SPOORSECTOR.

AANBEVELINGEN VAN DE EUROPESE SOCIALE PARTNERS VAN DE SPOORSECTOR.

  1. 1. Aanleiding van de aanbevelingen en doelstellingen van de sociale partners.

De veiligheid van de werknemers en reizigers van de spoorwegen in Europa is van essentieel belang voor de Europese sociale partners en hun bedrijven en aangesloten vakbonden. Hoewel het reizigersvervoer, algemeen beschouwd, veilig is, maken de sociale partners zich vooral zorgen over het geweld dat door derden wordt gepleegd ten aanzien van de werknemers, die instaan voor het reizigersvervoer. We definiëren als geweld van derden “ elk voorval waarbij personeelsleden het slachtoffer zijn van beledigingen, bedreigingen of fysieke agressie in omstandigheden die verband houden met hun werk en dat hun veiligheid, hun welzijn of hun gezondheid impliciet of expliciet in het gedrang brengt” (1). De voorvallen met geweld door derden hebben fysieke, sociale en economische gevolgen voor de werknemers en de sociale partners. Het kan gaan om fysieke letsels, psychische problemen, angst, een gevoel van onveiligheid, absenteïsme, vermijdingsgedrag, verloren werkdagen, ziekteverlof, ontslag, pensioen voor de werknemers, evenals om een negatief imago van  de dienstverlener omwille van de vertragingen  of  treinen die worden geschrapt en andere gevolgen. In overeenstemming met het recht van de EU en het nationale recht, behoort het tot de plicht van de werkgever om in de beroepsomgeving de gezondheid en de veiligheid van de werknemer te vrijwaren (2). Maar de werknemers moeten hun gezondheid en hun veiligheid zo goed als mogelijk in acht nemen. De Europese sociale partners willen een op samenwerking gebaseerde bedrijfscultuur om maatregelen te kunnen treffen ter voorkoming van geweld door derden en om de gevolgen van dit geweld te beheren, in het bijzonder ten aanzien van het spoorwegpersoneel. De Europese sociale partners benadrukken dat een gemeenschappelijke benadering de beste resultaten zal opleveren.

 

 

  1. 2. Doelstellingen van de gemeenschappelijke aanbevelingen.

Via deze gemeenschappelijke doelstellingen willen de sociale partners van de Europese spoorsector:

  • Hun leden – aangesloten bedrijven en vakbonden – helpen om de maatregelen te treffen, die bijdragen tot meer veiligheid en een groter veiligheidsgevoel van de werknemers en de reizigers ten aanzien van het geweld van derden;
  • Meewerken aan betere arbeidsvoorwaarden in het reizigersvervoer bij het spoor;
  • Strategieën ontwikkelen om geweld te voorkomen en om het geweld van derden op het werk aan te pakken met praktische communicatie - , preventie - , interventie – en opvolgmaatregelen.

 

  1. 3. Aanbevelingen van acties voor de sociale partners.

Communicatie -, preventie - , interventie – en opvolgmaatregelen zouden aangepast moeten zijn aan de verschillende activiteitendomeinen en sectoren van het bedrijf. Desgevallend zal een globale en gemeenschappelijke benadering de beste resultaten geven. De Europese sociale partners bevelen dan ook aan om een duurzaam beleid goed te keuren, dat maatregelen omhelst in de volgende domeinen:

 

 

  • Sensibilisering.

Geweld door derden kan verminderd worden door de werkgevers, werknemers en reizigers te sensibiliseren rond deze problematiek. Dus zouden de sociale partners op het niveau van het bedrijf of van de bedrijfstak een gemeenschappelijke benadering moeten ontwikkelen om dit probleem aan te pakken. Ze zouden gemeenschappelijke communicatie – en preventiestrategieën moeten uitdokteren, met inbegrip van nultolerantie-campagnes, voor de werknemers een aangepaste begeleiding en opleiding moeten verzekeren en voor het publiek preventiemaatregelen moeten voorzien, evenals een beschrijving van de voorvallen die dienen te worden gemeld. Deze beschrijvingen zouden tot stand moeten komen op basis van een schema, dat toelaat de geweldplegingen te rangschikken in een geïnformatiseerde database.

  • Oprichting van een gespecialiseerde entiteit

Het past om in de schoot van de bedrijven een entiteit op te richten, die belast wordt met het analyseren en invoeren van de maatregelen, waartoe eenstemmig is beslist. Hoe dan ook zou deze entiteit nauw moeten samenwerken met de departementen veiligheid en human resources en de betrokken bedrijfssectoren. Voorvallen met geweld door derden zouden volgens de gepaste maatregelen geregistreerd moeten worden binnen de grenzen van de draagwijdte van de geldende wet en geanalyseerd moeten worden aan de hand van aangepaste maatregelen. Deze entiteit kan ook het contactpunt worden wanneer zich incidenten voordoen of vragen rijzen.

  • Verslag, registratie en analyse.

Alle voorvallen, die duidelijk beschreven staan als te melden feiten (met inbegrip van beledigingen en bedreigingen), zouden systematisch geregistreerd en op gepaste wijze geëvalueerd moeten worden. De nodige maatregelen zouden moeten worden uitgewerkt en toegepast. Alle betrokken partijen zouden op de hoogte moeten zijn van deze procedure. De werknemers moeten aangemoedigd worden om alle voorvallen te melden en om – indien nodig - maatregelen te suggereren om de toestand te verbeteren.

Een Europese typografie van de voorvallen, die het onderwerp moeten uitmaken van een verslag, zou een hulpmiddel zijn om het begrip geweld door derden te harmoniseren op Europees niveau. Van dergelijke typografie zou werk moeten worden gemaakt.

  • Beheer van de veiligheid en technische middelen.

Het beheer van de veiligheid koppelt technische maatregelen aan maatregelen met betrekking tot het personeel. Een heel belangrijke factor is dat in de treinen en stations veiligheidspersoneel actief aanwezig is en dat dit personeel een opleiding heeft genoten, aangepast aan de risico’s op het spoor, evenals het feit dat, naargelang de landen, politie aanwezig is. De preventiemaatregelen kunnen ook specifieke procedures en/ of installaties zijn in verband met de verkoop van treinbiljetten, de toegang tot de treinen, schikkingen op het vlak van de inrichting van de stations, camerabewaking, enz. Dankzij de systemen van camerabewaking kunnen de daders geïdentificeerd en dus vervolgd worden.

 

  • Preventieve opleiding en sensibilisering van het personeel.

De opleiding bereidt de werknemers, die mogelijk in contact komen met de klanten, en hun management voor op situaties van geweldpleging door deden en leert hen om de gevolgen naar best vermogen te voorkomen en om er het hoofd aan te bieden. Het bedrijf moet deze werknemers en hun leidinggevenden de gepaste opleidingen aanbieden in alle domeinen die noodzakelijk zijn, zoals het” ontmijnen” van een gespannen toestand, het identificeren van mogelijk gewelddadige situaties, enz.

 

  • Opvolging.

Er moeten gepaste en doorzichtige procedures komen ter ondersteuning van de werknemers, die het slachtoffer zijn van geweld door derden. Naargelang de omstandigheden zouden deze procedures medische (met inbegrip van psychologische), juridische, praktische en/ of financiële steun kunnen insluiten.

 

  • Juridische partnerships en om de openbare orde te handhaven.

Een samenwerking tussen de spoorbedrijven, de politie en de overheden verbetert de algemene capaciteit om de veiligheid te verzekeren. De sociale partners onderstrepen bovendien dat samenwerking met andere partners op lokaal of nationaal niveau van belang is om geweld door derden te identificeren en te voorkomen door een coherente aanpak.

 

  • Toepassen van goede praktijken.

Er zijn al voorbeelden van goede praktijken betreffende preventie, beheer en opvolging van het geweld dat derden plegen tegenover werknemers van de spoorbedrijven in Europa. Deze maatregelen moeten voorzien worden en bij de bekrachtiging van de toepassing ervan moet rekening worden gehouden met de omvang en de aard van het bedrijf. De gids “Bevordering van de veiligheid en het veiligheidsgevoel tegenover het geweld van derden in de Europese spoorsector” bevat goede praktijken op dit vlak “ (3).

 

  • Dialoog met de politieke wereld, andere betrokken partijen en de sociale partners

 

De vragen van de spoorbedrijven, de vertegenwoordigers van de werknemers en de vakbonden aan de politici en andere mogelijke betrokken partijen zouden moeten overgemaakt worden aan de nationale en Europese politieke vertegenwoordigers.

 

  • Toewijzing van een overheidscontract voor de diensten van reizigersvervoer met de trein.

Voor de toewijzing van een overheidscontract voor de diensten van treinreizigersvervoer zou een luik over de veiligheid van de werknemers en van de reizigers moeten worden voorgelegd en in aanmerking genomen bij de toewijzingsprocedure.

 

  • Een akkoord tussen sociale partners afsluiten.

Akkoorden tussen de sociale partners worden nuttig geacht op verschillende niveaus ( niveau van het bedrijf en / of van de bedrijfstak, enz.). De suggesties van de werknemers om de zwakke punten in de veiligheid op het werk te verbeteren, zouden geanalyseerd moeten worden en, als ze haalbaar blijken, moeten doorgevoerd worden ten gunste van het personeel.

  • De getroffen maatregelen regelmatig evalueren op hun doeltreffendheid.

De Europese sociale partners bevelen aan om regelmatig een evaluatie te maken van de op nationaal of Europees niveau getroffen maatregelen (bijvoorbeeld een keer per jaar). Ook dient rekening te worden gehouden met de ervaring en de evolutie van de wetgeving en de technologie om betere oplossingen te bewerkstelligen. De resultaten moeten geëvalueerd worden en over de manier waarop de maatregelen kunnen verbeterd worden, moet een akkoord worden bereikt. De resultaten van de evaluatie kunnen tot nieuwe akkoorden leiden.

Definitieve versie, 5.11.2012.

 

(1)    Europees agentschap voor de veiligheid en gezondheid op het werk (OSHA): Europees observatorium van de risico’s. Workplace violence and harassment: A European picture. Luxembourg, 2010. Blz.16.

(2)   Europese sociale dialoog: ramakkoord over pesterijen en geweld op het werk.2007.Blz.1.

(3)   CER ,ETF, EVA: “ bevordering van de veiligheid en het veiligheidsgevoel tegenover het geweld van derden in de Europese spoorsector. Gids met goede praktijken”. Berlijn 2012.

Getekend in Brussel op 5 december 2012

Community of European Railway and Infrastructure

Companies (CER)

Dr. Rudolph Müller

Chairman of the European Social Dialogue

Committee for Railways,

Chief Human Resources officer of DB Schenker Rail

Deutschland AG

Community of European Railway and Infrastructure

Companies (CER)

Dr. Libor Lochman

Executive Director

CER

Avenue des Arts, 53

1000 Brussels

Belgium

Tel : +32 2 213 08 70

Fax : +32 2 512 53 31

e-mail : Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

web : www.cer.be

European Transport Workers’ Federation (ETF)

Guy Greivelding

Head of ETF Railway Section,

President FNCTTFEL, Luxembourg

European Transport Workers’ Federation (ETF)

Sabine Trier

Deputy General Secretary

ETF

Galerie Agora

Rue du Marché aux Herbes 105, Boîte 11

1000 Brussels

Belgium

Tel: +32 2 285 46 60

Fax: +32 2 280 08 17

e-mail : Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

web : www.etf-europe.org

Met de steun van de Europese Unie 

Our website is protected by DMC Firewall!